Sint Michaelsweek

39afa80a7c8f60d62de328ffa19732feMerken jullie het ook?
De zomer is nu echt voorbij. De bomen beginnen te verkleuren, het word kouder, er is minder zon… De tijd van oogsten is gekomen!
Vroeger, toen wij mensen nog veel meer in het ritme van de natuur leefden, was dit de tijd om onze gewassen te oogsten. Rond de Herfst Equinox (waarop dag en nacht even lang zijn zijn) werden dan ook dank- en oogstfeesten gehouden. Een oogstfeest werd gevierd door samen te delen van de laatste oogst van het land en de Aarde en Zon te danken voor al het goede van het land dat het mogelijk zou maken de komende koude donkere wintermaanden door te komen.

In de antroposofie vieren we samen het Sint Michaelsfeest. Ook dat is een moment om dankbaar te zijn en terug te kijken op  jou “oogst” van dit jaar.
Natuurlijk heb je mooie dingen meegemaakt, lieve mensen om je heen gehad, genoten van het weer, lekker gegeten, wild gedanst, je gewarmd aan een kampvuur, cadeaus gekregen… Van alles om dankbaar voor te zijn!
Maar mogelijk heb je ook wel moeilijke tijden gehad dit jaar. En misschien dat je zelfs daarvoor (nu dat het voorbij is) een zekere mate van dankbaarheid kunt voelen. Dankbaar voor wat je hierdoor hebt ervaren. Dakbaar voor de mensen die juist in die tijd in je leven waren en je bijstonden of de onverwachte hulp die je kreeg. Dankbaar ook misschien wel voor wat je hebt meegemaakt waardoor je op een ander moment milder kunt zijn en anderen kunt begrijpen in wat ze doormaken.
Eigenlijk is er zoveel om dankbaar voor te zijn.

Het feest van Sint Michael speelt rondom de Aartsengel Michael die, met zijn vlammende zwaard, de draak verslaat. Het is daarom ook een feest van moed en innerlijke kracht. Moed en kracht die velen van ons wel kunnen gebruiken in de donkere tijd die komen gaat.
Om deze moed te vieren en te verbeelden word er binnen de antroposofische scholen op sint Michael van alles gedaan.

Het verhaal van Sint Joris en de Draak word verteld aan de kinderen en het gaat ongeveer zo:
DSCN1648
“Lang geleden was een stad, Silena genaamd. Beschermd door dikke muren en torens, dachten de mensen van Silena: “Onze stad is de veiligste plek van wereld. Waar zouden wij bang voor zijn? Onze muren zijn zo sterk, hier kan ons niets gebeuren.”
Maar op een dag gebeurde het. Voor de stad was een groot meer, en daarin woonde een draak. Hij had lang geslapen in de diepte van het water, maar plotseling ontwaakte hij. Met zijn staart kletste hij op het water zodat de golven tegen de muren van de stad sloegen. De mensen schrokken hevig.
De draak had honger en wilde gevoerd worden door de mensen van de stad. “Wat moeten we hem nu toch geven?”, vroegen de mensen aan hun koning. Deze antwoordde: “Geef hem wat hij verlangt! Zorg ervoor dat hij tevreden is! Als hij maar verzadigd is, dan is het weer rustig.”
De mensen brachten al het voedsel dat ze hadden bij elkaar. De draak sperde zijn muil open en slokte alles op wat de mensen in zijn muil gooiden. Maar zijn honger was onverzadigbaar.
Erger nog, zijn vraatzucht werd met de dag erger. Nu waren graan, groenten en vlees niet meer genoeg, levend voedsel wilde hij hebben. Iedere dag bracht men hem twee schapen. Spoedig waren alle voorraden op; er was geen een schaap meer over, maar de draak was nog steeds niet verzadigd.
De mensen van Silena klaagden erover bij de koning. “Wat zullen we nu toch doen?”, vroegen zij hem. De koning gaf een weerzinwekkend antwoord: “Geef hem mensen”, zei hij.
En zo wierp men iedere dag het lot, wie aan de draak geofferd moest worden, man of vrouw, jong of oud. De stad was vervuld met gejammer en geween. De harten van de mensen waren zwaar door het verdriet.
Op een dag echter viel het lot op de koningsdochter. De koning was ontzet. Hij zou zo graag zijn dochter vrijkopen met goud en zilver. Maar zijn volk bleef onverbiddelijk. Ook de koning moest de wet nakomen die hij zelf had uitgevaardigd.
De koningsdochter verliet de stad. Ze was helemaal alleen en voelde zich heel eenzaam. “Ach, als er toch eens een uitweg zou zijn”, zuchtte ze.
Daar kwam een ruiter haar tegemoet. Zijn naam was Joris. Hij stopte en vroeg de prinses: “Wat doet u hier buiten zo helemaal alleen? Kan ik u helpen?” Het meisje riep huilend: “Vlucht, anders zult u sterven!” Maar de ridder wilde niet weggaan voordat hij wist waarom zij zo bang was.
Voordat zij kon antwoorden weerklonk een angstaanjagend gebrul. De draak had het water verlaten en kwam op Joris af. Hij spuwde vuur en zwavel. Sint Joris nam zijn lans, gaf het paard de sporen en reed met volle vaart op het ondier af. Er begon een gevecht op leven en dood.
Joris, de ridder, had geen angst; hij was snel en sterk. Zo bedwong hij de draak voorgoed.
Hij liet de koningsdochter haar gordel om de nek van de draak leggen. Deze lag overwonnen aan haar voeten. Alle mensen waren stomverbaasd en vroegen: “Hoe kan een mens zo’n kracht hebben?” Joris sprak tot hen: “Wees maar niet bang! Ik heb het gevecht aanvaard in het teken van het goede. God stond mij bij. In zijn naam heb ik de draak bedwongen. En ook jullie kunnen met lichtkracht het boze overwinnen!”
Alle mensen dankten de ridder, en de koning wilde hem overladen met goud en zilver. Maar Joris liet de schatten onder de armen verdelen. Daarna ging hij weer zijns weegs”.

Door dit verhaal uit te spelen leren de kinderen spelenderwijs dat sint Joris (de verpersoonlijking van aartsengel Michael op aarde) en engel Michael ons moed en geestkracht en licht willen leren om alle uitdaging die in deze tijd op ons afkomt het hoofd te kunnen bieden.
Samen worden er broden gebakken (vaak in de vorm van een draak, een zwaard of een schild) en jams of appelmoes gemaakt om ook bij het oogsten stil te staan.
De jongste kinderen maken sterrenbollen (vilten bollen die ze zelf hebben gevilt en waaraan gouden linten worden bevestigd om hem als een vallende ster met staart te kunnen gooien en vangen en zo contact te leggen met de hemel), vuurige cometen (een dennenappel aan een touwtje met aan de achterkant gebonden gele en oranje slierten als vurige staart) of vliegers om op de wind mee te laten vliegen.
Voor de oudere kinderen zijn er proeven van moed. Bijvoorbeeld door heel hoog op een ladder of in een boom te klimmen, over een balk of touw te balanceren, op een eenwieler te rijden of een lastige speurtocht in het bos te doen. Het is een heerlijk uitgelaten feest dat soms wel op de herfststorm lijkt met zoveel actieve kinderen!
De oudste leerlingen gaan zelf ijzer smeden. Via dit oerambacht ontwikkelt de leerling belangrijke eigen krachten door geconcentreerd bezig te zijn, wakker te zijn en snel en doelgericht fysiek te handelen. Dit werk zorgt ervoor dat zij leren het vuur in zichzelf te beheersen en om te vormen om, misschien wel, een zwaard te vormen om de draak te verslaan!

Michael, de engel naar wie dit feest is gevormd, is niet alleen de engel van moed maar ook van inzicht en helderheid. Hij wil ons helpen om onze draken te leren kennen en een juiste strijd met hen te voeren, waar dat nodig is.
DSCN1652

Merk je dat je verhardt bent geraakt? Dat je niet meer op kijkt als je over straat loopt, dat je al je deuren en ramen op slot moet doen, je voorzichtig moet zijn en moet opletten?
Als je je hiervan bewust bent, kun je de strijd hiermee proberen aan te gaan. Dat wil niet zeggen dat je lekker de fysieke deuren niet op slot moet doen en niet moet opletten, maar probeer om dwars tegen die sfeer van mogelijke verharding in toch kwetsbaar en gevoelig te blijven, vanuit je innerlijke kracht. Laat je raken door lieve gebaren, goede initiatieven, mooie muziek, goede herinneringen,, en kies ervoor je gedachten positief te houden.
Juist ook in de herfst merk ik om me heen dat mensen zich eenzamer gaan voelen. Ook al hebben ze een goede relatie, lieve vrienden en familie om zich heen. Soms voel je je gewoon eenzaam en alleen. Maar de strijd met dat gevoel hoeft niet een echte strijd te zijn. Want hoewel we ons liever anders voelen, is dit gevoel er ook en mag het beleefd worden. Het alleen zijn kan ons ook veel over onszelf leren. Over wat wij belangrijk vinden, wat ons drijft, waar we gelukkig van worden… En soms heb je gewoon even stilte en pauze nodig. Probeer niet hard of onverschillig te worden, vraagt Michael ons, door de gevoelens van pijn en eenzaamheid, maar gebruik het om je nog meer te verbinden met jou eigen innerlijke wereld. Ook daarvoor heb je kracht, licht en moed nodig, juist waarvoor dit feest staat.
Michael wil ons eigenlijk leren om in het midden te staan.
Om niet onze angsten te overschreeuwen, je te laten meeslepen door gevoelens of zoveel ruimte voor jezelf op te eisen dat je anderen daardoor tekort doet en je egoistisch kunt worden.
Maar ook niet zo te verharden dat we onze zekerheid gaan zoeken in materie of bewijzen.

DSCN1651

Dus voor nu is ons huisje gevuld met de oogst van dit jaar tot nu toe. We hebben draken gevonden, de strijd met hen aangegaan en zijn erachter gekomen dat er ook lieve draken zijn. En die lieve draken? Ook die hebben een plek in ons huis gekregen!
Tijd om de kaarsjes aan te steken, ook diep binnen in ons, zodat we altijd licht bij ons hebben hoe donker en grauw het buiten ook mag zijn en hoe lang de nacht ook kan duren.
Iedereen die nog aan het vechten is met zijn draken willen we een hart onder de riem steken; nog even volhouden en dan zul je misschien wel zien hoe jou draak ook een enorme sterke kracht kan zijn!